GR 573 etappe Verviers - Eupen

Sneeuwpret in Membach

 

 Kaart 

  
(deze track toont het traject dat in januari 2024 op grsentiers.org stond, de website van de Waalse GR organisatie; consulteer altijd die website voor de meest recente situatie)

 

Reis info

We starten deze GRP 573 etappe in Heusy, een deelgemeente van Verviers. Aan het treinstation Verviers-Central neem je TEC bus 703 of 706. Deze twee bussen rijden een verschillend traject, maar zetten je allebei op 15 à 20 minuten af aan de halte Heusy Eglise. Vanaf de halte is het nog ongeveer 250m stappen tot de plaats waar GR 573 voorbij komt.

De etappe eindigt in Eupen Haas. Aan de gelijknamige bushalte passeren verschillende lijnen die zowel naar het treinstation als het busstation van Eupen rijden. De rit duurt nauwelijks 10 minuten.
In Eupen vertrekt om het uur een trein naar het binnenland die altijd stopt in Verviers, Liège, Leuven en Brussel.
In het busstation van Eupen vertrekt minstens om het uur TEC bus 725 naar Verviers-Central. De rit duurt ongeveer 30 minuten.

 

De wandeling - januari 2024

Ik liep deze GR 573 etappe een eerste keer in 2014, en dan nog eens in tegenovergestelde richting in 2018. Ondertussen heb ik in de streek ook andere GR routes gelopen (zoals GR's 15, 563 en 56), naast tal van lokale wandelingen, waaronder het unieke Steggeltjespad (Chemin des Echaliers). Telkens opnieuw verwondert het me dat je hier zo weinig wandelaars tegenkomt. Toch zal wie enkele dagen in de streek wil stappen, zich zeker nooit vervelen. Aparte dagtochten kunnen ook want het openbaar vervoer is regelijk goed uitgebouwd. Tussen Verviers en Eupen heb ik zelf ook nog eens twee e-Stapper tochten uitgetekend en gedocumenteerd (e-Stapper Dolhain - Baelen - Membach - Goé - Limbourg - Dolhain, en e-Stapper Stembert - Limbourg - Gileppe - Stembert). 
Wat me opvalt is dat deze GR 573 etappe van Verviers naar Eupen de jaren redelijk ongewijzigd overleefd heeft. De paar nieuwe stukjes maken de tocht er nog des te interessanter op.

Vanuit Heusy volgt GR 573 verder de zuidelijke buitenrand van Verviers door een afwisseling van behuizing en meer open stukken. Wat al onmiddellijk duidelijk wordt is dat de sneeuw de tocht niet bepaald makkelijk zal maken. Wel levert de 10 à 15 cm dikke laag sneeuw feeërieke landschappen op, iets wat met de jaren alsmaar zeldzamer wordt. Waar geen auto's of traktoren komen, en nog maar enkele stappers me de voorbije dagen voorgingen, vergt het stappen door de diepe sneeuw alleszins heel wat meer inspanning dan ik gewoon ben.
De sneeuw heeft het infobord over de Agolina van Moraifosse bijna volledig bedekt. Alleen de naam is nog zichtbaar.

Een "agolina" is in de streek de naam voor een verdwijngat, een plaats waar water in de grond verdwijnt om heel wat verder terug aan de oppervlakte te komen. Het is een fenomeen dat in de omgeving wel meer voorkomt, op plaatsen waar de bodem uit wateroplosbare kalksteen bestaat.

Eenmaal de N672 (de weg van Verviers naar de Hoge Venen) overgestoken, verlaat de tocht de bebouwde rand van Verviers.  Het pad wordt onverhard en steekt de Ruisseau du Grand Pré over. Even is het genieten van mooie zichten over de streek. Hoog op de beboste valleiflank volgt GR 573 nu de beek die ik eerder overstak. Beneden in de vallei, maar onzichtbaar, liggen de Cossart vijvers. De e-Stapper Stembert - Limbourg - Gileppe - Stembert passeert er. Uiteindelijk verlaat mijn pad het bos om uit te komen op een verkeersweg.
Een stuk van de weg af ligt het La Louveterie kasteeltje. Enkele jaren geleden kwam ik nietsvermoedend terecht in de bossen achter het kasteeltje. Nergens was aangegeven dat ik op verboden terrein liep. Plots dook uit het niets een jongeman op die me dringend verzocht op mijn stappen terug te keren want ik bevond me op privé terrein. Ik antwoordde dat ik nergens een teken zag dat me de toegang ontzegde. Hij beweerde dat er wel tekens stonden. Tja, wat doe je dan? Ruzie vermijden en teruglopen. Hoe de man wist dat ik daar liep weet ik niet. Ik bevond me in bosgebied en nergens was ook maar iets zichtbaar van waaruit ik kon geobserveerd worden. Camera's? De strenge bewaking klopt alleszins met de discrete reputatie van het kasteeltje. Op de website zie je dat het om een luxueus hotel gaat, compleet met wellness voorzieningen. Prijzen kom je pas te weten na een reservatie e-mail gestuurd te hebben.
Nog wat info over het kasteeltje:

Het was François-Xavier Simonis, een rijke industrieel en fervent jager uit Verviers, die eind 18de eeuw hier een domein verwierf en er een jachthuis bouwde. Het werd ook "Pavillon" en "Louveterie" genoemd. Die laatste naam verwijst naar wolven. In het toenmalige Departement van de Ourthe, waartoe de streek behoorde, waren wolven een echte plaag voor de bewoners. Onder Napoleon Bonaparte werden ze methodisch uitgeroeid en kregen rijke landgoedeigenaars zoals Simonis een officierstitel in het erekorps van de Louveterie (wolvenbestrijders).
Later werd het jachthuis uitgebreid tot het huidige kasteel dat een bewoonbare oppervlakte heeft van 1.125 m2. Het werd bewoond door de familie Biolley, eveneens actief in de textielindustrie in Verviers, en door huwelijken verwant met Simonis. Meer recent werd het kasteel eigendom van een Engelsman, Monsieur Oliver, die een grondige renovatie doorvoerde in 2009 - 2010.
Het kasteel stond het voorbije decennium te koop voor de mooie som van 1.950.000 Euro. Uiteindelijk betaalde een nieuwe eigenaar er 1.000.000 Euro voor in 2019. Het is nu een hotel voor 'high-end' toeristen, wat dat ook mag betekenen.

Al vlug duikt het traject terug het bos in (Bois de Goé) en gaat het richting Hèvremont. Bij een padensplitsing in het bos staat een kruis. Ik had het vroeger nooit gezien, maar nu viel de donkergrijze kleur in het witte decor me onmiddellijk op.
Voorbij een schuilhut duikt het traject redelijk steil naar beneden tot bij een beek, om dan even abrupt terug te stijgen. Op dit stuk was in de sneeuw geen enkel voetspoor te zien. Meer glijdend dan stappend kwam ik beneden, en ook de daaropvolgende klim was geen sinecure.

Uiteindelijk opent het landschap zich, en na een weide-doortocht passeert de GR het gehucht Hèvremont dat hoort bij Dolhain/Limbourg.
Onmiddellijk volgt een scherp stijgend pad, La Voie des Amis. Het pad verbindt al eeuwenlang Hèvremont met Limbourg. Het loopt over de rotsige schistbodem en vergt onder normale omstandigheden al de nodige inspanning en voorzichtigheid. De sneeuw deed er nog een schep bovenop. Maar de inspanningen worden beloond met prachtige zichten over het sneeuwlandschap.
Onderweg passeert La Voie des Amis tussen 2 hekkens het Aquaduct van de Gileppe.

Door dit (overdekt) aquaduct liep vroeger water van het stuwmeer van de Gileppe naar Verviers. Het tracé van het bouwwerk is nog altijd te zien in het landschap. Het aquaduct was een onderdeel van de plannen voor de bouw van het stuwmeer. Het werd zelfs al in gebruik genomen rond 1870, toen het stuwmeer nog helemaal niet klaar was. In afwachting werd toen het water van de Borchènebeek gebruikt.

Boven maakt het pad plaats voor een asfaltweg die me tot net voor de muren van Limbourg brengt. Het GR traject loopt er niet door, maar een bezoek aan het stadje dat door het Waals Gewest uitgeroepen is tot 'uitzonderlijk cultureel erfgoed' is zeker niet te missen, al is het maar omdat er een tweetal tavernes zijn waar je terecht kan voor een hapje en/of een drankje.

Limbourg bestaat uit 2 delen. De benedenstad (Dolhain) ligt aan de Vesder, de bovenstad ligt op een heuvel en was al van in de 10de eeuw een versterkte burcht ('bourg') die heerste over het hertogdom Limbourg. Door de strategische ligging overheerste het bouwwerk de streek gedurende vele eeuwen. De provincies Belgisch en Nederlands Limburg houden er hun naam aan over.
De burcht en de versterkingen zijn al lang verdwenen. Die werden midden 17de eeuw afgebroken op bevel van de Franse Zonnekoning Louis XIV. Een brand in 1834 vervolledigde het sloopwerk. Wat we vandaag zien dateert hoogstens nog uit de 18de, 19de en 20ste eeuw, maar het grondplan en vooral de bestrating zijn nog authentiek. Nu is het een merkwaardig en stemmig dorpspleintje. De kerk gaat terug tot de 15de eeuw, en de linde ervoor zou 300 jaar oud zijn. Het plein bestaat uit keien afkomstig uit de Vesder, niet makkelijk om op te lopen, maar wel stevig.
Leuk detail: Dolhain (de benedenstad) wordt in het Nederlands vertaald als Dalhem, niet te verwarren met het gelijknamige Franstalige dorp Dalhem tussen Maastricht en Visé (Wezet) dat dan weer vertaald wordt als 's Gravendal. Wat een situaties met al die plaatsnaam vertalingen! Waarom niet gewoon overal de lokale plaatsnamen gebruiken? Het zou een prachtige maatregel zijn in het kader van de administratieve vereenvoudiging en besparingen waar men zo naarstig naar op zoek is.

Limbourg heb ik al een paar keer bezocht. dus blijf ik gewoon het GR-traject volgen zonder uit te wijken. Het daalt af naar Goé (vertaling Gulke, soms ook Geuleke), ook al een deelgemeente van Limbourg. In het dorp valt de gedraaide kerktoren op, geen ongewoon zicht in deze contreien.
In Goé steekt GR 573 de Vesder over, de rivier die ik nu al volg sinds de start van deze GR. Tijdens de rampzalige overstromingen midden 2021 werd de brug zwaar beschadigd. Te voet kon je er nog over, maar autoverkeer was onmogelijk. Nu (begin 2024) zie ik dat de nieuwe brug eindelijk in aanbouw is. Voorlopig kunnen voetgangers en fietsers gebruik maken van een noodbrug.

Aan de overkant stijgt het traject weer. Geleidelijk dit keer, maar wel over een nauwelijks belopen spoor. Ondanks de temperatuur die net iets onder het vriespunt lag, liep ik me in dit deel van de tocht goed in het zweet. Wat verder was een auto of traktor één of twee keer over het pad gereden. Wat een opluchting, die sporen waren niet glad bevroren en breed genoeg om er op een redelijk normale manier te kunnen door stappen. Onderweg is het wel genieten van de witte weidelandschappen.
Terwijl Membach nadert stuurt de gpx-track me plots een weide in. Van vorige wandelingen weet ik dat dit een weidedoorsteek is naar het dorp. Een mooi stuk, maar in de sneeuw is geen enkel voetspoor te zien. Ik heb geen zin om nog eens op de tast door de sneeuw te baggeren, en blijf het pad rechtdoor volgen. Zo kom ik uit op een verkeersweg die me dalend naar Membach brengt. Vroeger was er nog een bakker in dit dorp, maar die is er een paar jaar geleden mee gestopt, en het gebouw staat al een tijd te koop.

Membach.
Met die Duits klinkende naam zou je denken nu wel aangekomen te zijn in het Duitstalig landsdeel, maar daarvoor is het nog wat te vroeg. Membach is een deelgemeente van Baelen en hoort bij het Franstalig landsdeel. Pas voorbij Membach komt GR 573 op het grondgebied van Eupen, en dat is Duitstalig. Die opdeling valt samen met het feit dat de Pruisische grens tussen 1820 en 1920 tussen Membach en Eupen liep. De oude grenspalen staan er nog altijd.

Vroeger liep GR 573 rond Membach, maar nu gaat het langs het mooie kerkje naar de basisschool waar ik al een tijdlang kindergejoel hoor. Mijn pad trekt een weide in, en daar krijg ik zicht op de kinderen die druk bezig zijn om met de slee een helling naast de school af te glijden. Geen les, en dat is maar goed ook. Bij deze uitzonderlijke sneeuwtoestanden zijn die paar uren sneeuwpret iets om nooit meer te vergeten.
Ook deze weidedoorsteek die passeert langs het kerkhof van Membach, is een nauwelijks belopen sneeuwspoor. Als ik uiteindelijk op een goed belopen pad terecht kom kan ik opgelucht terug op adem komen. Er volgt een redelijk vlak traject waarbij in de verte de dubbeltoren van de Sint-Niklaaskerk in Eupen opduikt. Het stadje is de hoofdstad van de Duitstalige Gemeenschap. Naast een administratief en commercieel centrum is het ook een toeristische trekpleister in de streek met heel wat bezienswaardigheden, o.a. de Hoge Venen waar de volgende GR 573 etappe me zal naartoe brengen.

Duitstalige Gemeenschap en de Oostkantons, is er een verschil, of gaat het gewoon om dezelfde streek? Blijkbaar niet. De Oostkantons zijn ruimer dan het gebied van de Duitstalige Gemeenschap. Ze omvatten ook de Franstalige gemeenten Malmedy en Waimes en komen overeen met het deel van België dat tot na Wereldooorlog I nog Duits grondgebied was. In alle gemeenten van de Duitstalige Gemeenschap genieten de Franstalige inwoners van taalfaciliteiten, in de twee Franstalige gemeenten die de Oostkantons vervolledigen is het net andersom. In Wereldoorlog II annexeerde Hitler overigens de Oostkantons terug bij Duitsland waardoor maar liefst 8 000 inwoners verplicht werden dienst te nemen in het Duits leger. 2 000 van hen sneuvelden aan het Oostfront en na de oorlog gaf de verplichte aanhechting bij Duitsland ook nog eens aanleiding tot allerlei beschuldigingen van collaboratie.

GR 573 loopt niet naar het centrum van Eupen. De route stijgt nog even om wat zichten te bieden op de benedenstad en Eupen Haas, waar de tocht eindigt bij de Vesder rivier. Vanaf de volgende etappe gaat het langs een andere rivier: de Hill (La Helle in het Frans).

Sfeerbeelden

Ik ben niet oud, ik ben vintage

We gebruiken enkel cookies die essentieel en nodig zijn voor de werking van onze website.